Werking van hete luchtballon
|
Tegenwoordig wordt de nylonballon met koude lucht gevuld tot hij helemaal bol staat. De lucht in de luchtballon wordt verwarmd met een regelbare brander tot ongeveer 105-120 °C. Door de toevoeging van energie in de vorm van warmte, stijgt de temperatuur. De lucht wordt ijler, de dichtheid vermindert. De hete lucht stijgt ten opzichte van de koude lucht. Ze is lichter geworden dan de omringende lucht die verplaatst wordt. Het soortelijk Het is dan ook begrijpelijk dat het gemakkelijker vliegen is bij koud weer. Als het buiten 5°C is, is het verschil tussen de hete lucht in de ballon en de buitenlucht veel groter dan tijdens een warme dag van 30°C in de zomer. De piloot zal bij het stijgen ook rekening moeten houden met de atmosferische druk. Die zal afnemen hoe hoger hij de lucht in gaat. De lucht in de ballon zal dus meer uitzetten (ijler worden). De lucht in de ballon moet geleidelijk kunnen vrijgelaten worden of het nylonomhulsel zou barsten en we weten allemaal wat de gevolgen daarvan zouden zijn. Het stijgen, zweven op dezelfde hoogte en dalen wordt geregeld met behulp van de regelbare brander. Wil de piloot stijgen of is lucht aan het afkoelen, dan zal hij de lucht verwarmen. Via het ventiel kan hij lucht laten ontsnappen als hij te hoog zit of als de zon de lucht te zeer opwarmt. |
Bron: Ballonvaren.nl
Laatst aangepast (vrijdag, 12 augustus 2011 18:28)